Pagina wordt geladen ...
zoeken

Een ei hoort erbij, of niet?

We geloven niet zomaar alles meer. Was het bij de allereerste volkstelling in 1849 nog zo, dat 95%! van de mensen gelovig was, tegenwoordig is dat cijfer drastisch gedaald naar 50%. Ondanks het feit dat steeds minder mensen geloven, vieren we nog wel de van oorsprong kerkelijke feestdagen zoals Pasen en Pinksteren.

Voor velen van ons, zijn het vrije dagen die we gezellig met vrienden en familie vieren. De oorspronkelijke betekenis van deze feestdagen hebben we ergens op de zolder van ons geheugen opgeslagen. En zoals dat gaat met dingen die op zolder liggen, happen ze stof en glijden langzaam de vergetelheid in.

Kruisiging

De oorsprong van Pasen, ligt bij het Joodse Pesach. Bij dit feest wordt herdacht, dat de Joden zich ontdaan hebben van de slavernij. De christenen zijn zich uiteindelijk meer gaan richten op de weder- opstanding en hebben er voor gekozen om Paaszondag altijd te vieren op de eerste zondag na de eerste volle maan in de lente. De donderdag voorafgaand aan Paaszondag heet Witte Donderdag en op die dag herdenken we het ‘Laatste avondmaal’. En op Goede vrijdag wordt de kruisiging van Jezus herdacht.

Paashaas

Pasen lijkt een mengeling van gebruiken. Want hoezo een haas met Pasen en sinds wanneer leggen hazen eieren? Hierover bestaan verschillende mythes. Eén ervan is die van de Duitse godin Ostara (Eostre, Ostern en Easter zijn hiervan afgeleid). Zij liet eens de lente te laat beginnen, waardoor een klein vogeltje bijna het leven liet. Ostara wilde het vogeltje redden, maar het kon niet meer vliegen. Hierop veranderde zij het in een haas. Eens per jaar op de dag dat Ostara werd vereerd kon de haas eieren leggen. Men denkt dat zendelingen in hun poging heidenen te bekeren, het verhaal een beetje naar hun hand hebben gezet, waardoor we nu de wederopstanding van Jezus herdenken én paastakken versiert met hazen en eieren op tafel hebben staan.

Hoort een ei er wel bij?

De gemiddelde Nederlander eet bijna twee dagen per week een (kippen)ei. Eieren maken onderdeel uit van de Schijf van vijf. Twee tot drie eieren per week passen in een gezonde voeding, voor vegetariërs mogen dat er 3 á 4 zijn.

Een ei van 50 gram levert gemiddeld 66 Kcal die voornamelijk uit eiwit en vet bestaan. Het vet zit met name in de dooier. Een ei bevat een heel klein beetje koolhydraten en de vitamine B12, D, A, B2, Foliumzuur plus de mineralen, fosfor, seleen, ijzer en zink.

Cholesterol

Een ei bevat ook cholesterol. Cholesterol is een vetachtige stof, die in de lever wordt aangemaakt, daarnaast krijgen we ook een klein gedeelte via onze voeding binnen. We kennen LDL (het slechte) en HDL (goede) cholesterol. Het LDL vervoert cholesterol van de lever door ons lichaam. LDL kan blijven plakken aan beschadigingen in onze vaten, die door roken, hoge bloeddruk of ouderdom ontstaan. Daardoor kunnen vaten dichtslibben. HDL vervoert het cholesterol de andere kant op, dus naar de lever toe en vandaar uit ons lichaam uit. Een ei bevat beide soorten cholesterol. De bijdrage van cholesterol in onze voeding aan het verhogen van het totaal cholesterolgehalte in ons bloed, is echter vrij bescheiden. Het verzadigd vet uit onze voeding heeft een grotere invloed op het verhogen van het LDL gehalte in ons bloed. Om het cholesterol hoef je het eitje dus niet te laten staan.

(F)eitjes & wist gEI datjes

Het ei van Columbus is een gezegde, dat dateert uit de tijd dat Columbus Amerika heeft ontdekt. Tijdens een diner beweerden tafelgenoten, dat iedereen had kunnen doen wat Columbus deed. Columbus vroeg hierop een gekookt ei en wedde met deze lieden dat het niemand zou lukken om het ei zonder hulp rechtop te laten staan. Dat lukte geen van hen. Columbus tikte met het ei op tafel, waardoor de onderkant plat werd en het ei bleef staan. Waarmee hij maar wilde zeggen, dat als het eenmaal voorgedaan is, weet iedereen hoe het moet.

Een kip legt gemiddeld iedere dag een ei. Dat betekent in Nederland zo’n 10 miljard eieren per jaar gelegd worden. Aan de kleur van het oorlelletje van een kip, kun je zien welke kleur het ei heeft wat ze legt. Een wit lelletje betekent witte eieren en een rood lelletje bruine. De kleur van de schaal zegt niets over de smaak en de voedingswaarde, die is voor beide hetzelfde.

Op ieder ei staat een stempel met een ei-code. Het ei op de foto rechts heeft bijvoorbeeld de code: 2-NL-1234567. Het eerste cijfer geeft aan hoe een kip geleefd heeft:

  • 0= biologische ei
  • 1= vrije-uitloopei of grasei
  • 2= scharrelei of rondeel
  • 3= koloniehuisvesting.

Dit nummer zal je niet aantreffen op eieren in de supermarkt, maar mogelijk wel ergens anders of in het buitenland. Dit was eerst het nummer voor kooi-ei, maar dat is vanaf 2012 verboden. De landcode spreekt voor zich, NL wil zeggen dat een ei uit Nederland afkomstig is.

De laatste cijferreeks is een bedrijfscode (5 cijfers) en de allerlaatste cijfers geven aan in welk hok de kip zit. Zo kan terug herleid worden waar het ei geproduceerd is 16,19. Alle eieren die verkocht worden aan consumenten moeten voorzien zijn van een stempel. Ook als je hobby kippenboer bent en je gaat je eieren verkopen, moet er dus een stempel op het ei staan.

Er bestaan verschillende gewichtsklassen voor eieren.

Maat Gewicht in gram
S < 53
M 53 - 63
L 63 - 73
XL > 73

 

Een ei is vanaf dat het gelegd is ongeveer vier weken houdbaar, wettelijk is dit vastgelegd op 28 dagen. Om eieren vers te houden, is het het beste om ze in de koelkast te bewaren. Door hun poreuze schil, nemen ze echter wel heel snel geurtjes aan van andere levensmiddelen, dus houd ze uit de buurt van de knoflooksaus. Het is redelijk eenvoudig om te zien of een ei vers genoeg is. Eieren hebben namelijk een vlies tussen de schil en de binnenkant van het ei. Ieder ei heeft ook een luchtkamer. Als het ei ouder wordt, wordt deze kamer groter. Wanneer je een ei in het water legt, gaat het ei met de stompe kant naar boven drijven. Schudden geeft ook informatie over de versheid. Bij een ei wat pas gelegd is, is het eiwit nog stevig. Als het ei geschud wordt, hoor je niets. Bij een ouder ei hoor je de inhoud bewegen in de schil.

Op een paastafel mag een gekookt eitje niet ontbreken. Breng het ei met koud water aan de kook. Een zacht ei kan na 3 á 4 minuten uit het water gehaald worden. Voor een halfzacht ei is de kooktijd 5-6 minuten en een ei is hard bij ongeveer 8 minuten. Eventueel kan het ei in geprikt worden, om te voorkomen dat er tijdens het koken een deukje in het ei komt. Dat deukje ontstaat doordat de lucht in de luchtkamer warm wordt en wil ontsnappen. Als het eiwit gestold is, duwt die de lucht door de poriën naar buiten, maar dan is er al wel een deukje ontstaan. Als je eerst een gaatje prikt, is de lucht al uit het ei. Overigens barst de schil dan ook minder snel.

Wanneer er een gevuld ei op het menu staat, wacht altijd het lastige klusje om het ei van de schil te ontdoen. Een ei van een week oud is makkelijker te pellen, dan een vers ei. Snel een eitje pellen? Doe het ei in een glas wat half gevuld is met water en schud het glas een paar keer op en neer. Voilà de schil laat makkelijk los. Wel met één hand het glas afdekken anders wordt het een smeerboel en begint het eieren zoeken al op tijd. En tot slot een trucje om te zorgen dat je tijdens het paasontbijt bij het eitje tikken door een pestkop niet verrast wordt met een rauw ei. Laat het ei over de tafel rollen. Een rauw ei zal wiebelen en een gekookt ei zal gewoon rollen.

welkom bij Distrivers
terug naar boven